Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 20

Drempelbedrag

Onderdeel van Verordening leerlingenvervoer

1.. Aan de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs of een school voor praktijkonderwijs bezoekt en van wie het belastbaar inkomen samen meer bedraagt dan € 19.050,-- wordt slechts een bekostiging verstrekt voor zover de kosten van het vervoer van die leerling de kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 9 danwel artikel 15 bepaalde afstand te boven gaan. 2.. In geval het college van burgemeester en wethouders in plaats van een bekostiging in geld te verstrekken het vervoer zelf verzorgen danwel doen verzorgen, betalen de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs, een speciale school voor basisonderwijs of een school voor praktijkonderwijs bezoekt, per leerling per schooljaar een eigen bijdrage die gelijk is aan de kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 9 danwel artikel 15 bepaalde afstand, indien het inkomen van de ouders meer bedraagt dan € 19.050,--. 3.. Aan de ouders die twee of meerdere kinderen hebben die een speciale school voor basisonderwijs bezoeken wordt slechts eenmaal de eigen bijdrage gevraagd. 4.. De kosten voor openbaar vervoer, genoemd in het eerste en tweede lid, betreffen de kosten van openbaar vervoer die op grond van de zone-indeling in de regeling die is gebaseerd op artikel 27, eerste lid van de Wet personenvervoer, voor de afstand redelijkerwijs zouden worden gemaakt, ongeacht de aanwezigheid van openbaar vervoer of het daadwerkelijk gebruik ervan. 5.. Het bedrag van € 19.050,-- genoemd in het eerste en tweede lid, wordt jaarlijks aangepast op grond van artikel 4, lid 7 WPO. Het aangepaste bedrag treedt in plaats van het in het eerste en tweede lid genoemde bedrag van € 19.050,--.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel