**1..** Een instelling die met behulp van de verleende subsidie een vermogen vormt is daarvoor een vergoeding verschuldigd aan de gemeente als:
de instelling voor de gesubsidieerde activiteiten gebruikte of bestemde goederen vervreemdt of bezwaart of de bestemming daarvan wijzigt;
de instelling een schadevergoeding ontvangt voor verlies of beschadiging van de voor de gesubsidieerde activiteiten gebruikte of bestemde goederen;
de instelling de activiteiten geheel of gedeeltelijk beëindigt;
de subsidieverlening of subsidievaststelling wordt gewijzigd of wordt ingetrokken of de subsidie wordt beëindigd;
de rechtspersoon die de subsidie ontving wordt ontbonden.
**2..** De vergoeding wordt binnen een jaar door het college bepaald, uitgaande van het tijdstip dat zij op de hoogte is gekomen of kon zijn van de gebeurtenis die het recht op vergoeding deed ontstaan, maar in ieder geval binnen vijf jaren na de bekendmaking van de laatste beschikking tot subsidievaststelling.
**3..** Indien het roerende zaken betreft geschiedt de waardebepaling door een onafhankelijke deskundige.
HOOFDSTUK VII
Artikel 21
Ongewenste vermogensvorming (artikel 4:41 Awb).
Onderdeel van Verordening Subsidieverstrekking gemeente Dongen 2007