Burgemeester en Wethouders dienen een aanvraag om subsidie slechts in onder voorwaarde dat:
zonder toestemming van Burgemeester en Wethouders bij de werkzaamheden niet wordt afgeweken van het bouwplan;
de werkzaamheden voor het treffen van ingrijpende voorzieningen aan huurwoningen binnen 6 maanden na het besluit tot verlening van subsidie zijn gestart;
voorzover de werkzaamheden bedrijfsmatig worden uitgevoerd, niet wordt gehandeld in strijd met het bepaalde in artikel 3 van het Vestigingsbesluit Bouwnijverheidsbedrijven 1958;
de gereedmelding van de werkzaamheden plaatsvindt overeenkomstig de voorwaarden gesteld in deze verordening;
de subsidie-ontvanger de informatie bedoeld in het Besluit beschikbaar houdt en op verzoek van Burgemeester en Wethouders terstond levert.
Paragraaf 2. › Paragraaf 1.
Artikel 21
Artikel 21
Onderdeel van Verordening Woninggebonden Subsidies betreffende ingrijpende voorzieningen huurwoningen 1995