In deze verordening wordt verstaan onder:
de wet: de Wet werk en bijstand (WWB);
algemene bijstand: de bijstand bedoeld in artikel 5, onderdeel b, van de wet;
bijzondere bijstand: de bijstand bedoeld in artikel 5, onderdeel d, van de wet;
bijstand: algemene en bijzondere bijstand;
bijstandsnorm: de bijstandsnorm bedoeld in artikel 5, onderdeel c, van de wet;
langdurigheidstoeslag: de langdurigheidstoeslag bedoeld in artikel 5, onderdeel e, van de wet;
maatregel: het verlagen van de bijstand op grond van artikel 18, tweede lid, van de wet;
voorziening: voorzieningen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a van de wet: een instrument binnen een traject dat ingezet wordt om belemmeringen bij aanvaarding van algemeen geaccepteerde arbeid weg te nemen;
traject: een met de belangebbende overeengekomen, dan wel door het college aan hem opgelegd, geheel van activiteiten gericht op het (uiteindelijk) verkrijgen dan wel behouden van betaalde arbeid, dan wel het verkleinen van de afstand tot de arbeidsmarkt;
belanghebbende: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken;
het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Soest;
alle begrippen die in deze verordening gebruikt worden en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en bijstand en de Algemene wet bestuursrecht.