Gedragingen van belanghebbenden waardoor de verplichting op grond van artikel 9 van de wet niet of onvoldoende is nagekomen, worden onderscheiden in de volgende categorieën:
Eerste categorie:
Het zich niet of niet tijdig laten registreren als werkzoekende bij de Centrale organisatie werk en inkomen of het niet tijdig laten verlengen van de registratie.
Tweede categorie:
het niet naar vermogen trachten algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen of te aanvaarden;
het niet of in onvoldoende mate meewerken aan een onderzoek naar de mogelijkheden tot arbeidsinschakeling;
het niet ondertekenen of het niet aan burgemeester en wethouders verstrekken van een trajectplan;
het niet of in onvoldoende mate meewerken bij de uitvoering van het inburgeringsonderzoek ingevolge de WIN.
Derde categorie:
gedragingen die de inschakeling in arbeid belemmeren;
het niet of in onvoldoende mate gebruikmaken van een door het college aangeboden voorziening gericht op arbeidsinschakeling als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onderdeel b en artikel 10, eerste lid van de wet;
het niet of in onvoldoende mate meewerken aan het inburgeringsprogramma ingevolge de WIN.
Vierde categorie:
het niet aanvaarden van algemeen geaccepteerde arbeid;
het door eigen toedoen niet behouden van algemeen geaccepteerde arbeid.
Hoofdstuk 2
Artikel 9
Indeling in categorieën
Onderdeel van Afstemmingsverordening Wet werk en bijstand Leidschendam-Voorburg 2005