De belasting wordt geheven van degene die van een onroerende
zaak als bedoeld in artikel 2, eerste lid, het genot heeft
krachtens eigendom, bezit of beperkt recht.
Voor de toepassing van het eerste lid wordt als genothebbende
krachtens eigendom, bezit of beperkt recht aangemerkt degene die
op het tijdstip van ingang van de heffing dan wel, indien de
belasting wordt geheven in de vorm van een jaarlijkse belasting,
bij de aanvang van het belastingjaar als zodanig bij het
kadaster bekend staat, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip
geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht
is.
Artikel 3
Belastingplicht
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van de "Baatbelasting aanleg riolering buitengebied 2e fase Bemmel 2002"