**1..** Het is verboden zonder voorafgaande vergunning van het college de weg of een weggedeelte anders te gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie daarvan.
**2..** Een vergunning bedoeld in het eerste lid kan worden geweigerd:
indien het beoogde gebruik schade toebrengt aan de weg, gevaar oplevert voor de bruikbaarheid van de weg of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan, dan wel een belemmering kan vormen voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg;
indien het beoogde gebruik hetzij op zichzelf, hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan redelijke eisen van welstand;
in het belang van de voorkoming of beperking van overlast voor gebruikers van de in de nabijheid gelegen onroerende zaken.
**3..** Het verbod in het eerste lid geldt niet voor:
evenementen als bedoeld in artikel 2.2.1;
terrassen als bedoeld in artikel 2.3.1.2, vijfde lid;
standplaatsen als bedoeld in artikel 5.2.3;
vlaggen, wimpels en vlaggenstokken indien ze geen gevaar of hinder kunnen opleveren voor personen of goederen en niet voor commerciële doeleinden worden gebruikt;
zonneschermen, mits ze zijn aangebracht boven het voor voetgangers bestemde gedeelte van de weg en mits:
- geen onderdeel zich minder dan 2,2 meter boven dat gedeelte bevindt; en
- geen onderdeel van het scherm, in welke stand dat ook staat, zich op minder dan 0,5 meter van het voor het rijverkeer bestemde gedeelte van de weg bevindt;
- geen onderdeel verder dan 1,5 meter buiten de opstaande gevel reikt;
de voorwerpen of stoffen, die noodzakelijkerwijze kortstondig op de weg gebracht worden in verband met laden of lossen ervan en mits degene die de werkzaamheden verricht of doet verrichten ervoor zorgt, dat onmiddellijk na het beëindigen daarvan, in elk geval voor zonsondergang, de voorwerpen of stoffen van de weg verwijderd zijn en de weg daarvan gereinigd is;
zee- of puincontainers;
voorwerpen, bedoeld als uitstalling bij een winkel, mits deze niet meer dan 3 m2 in beslag nemen en niet verder dan 1 meter van de gevel af geplaatst zijn.
**4..** Het verbod in het eerste lid geldt tevens niet voor voorwerpen of stoffen waarop gedachten of gevoelens worden geopenbaard, tenzij deze door hun omvang of vormgeving, constructie of plaats van bevestiging gevaar opleveren voor de bruikbaarheid van de weg of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan, schade toebrengen aan de weg danwel een belemmering vormen voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg.
**5..** Het verbod in het eerste lid geldt verder niet voorzover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatswerken of het Provinciaal wegenreglement Zuid-Holland.
De weigeringsgrond van het tweede lid, onder a, geldt niet voorzover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 5 van de Wegenverkeerswet.
De weigeringsgrond van het tweede lid, onder b, geldt niet voor bouwwerken.
De weigeringsgrond van het tweede lid, onder c, geldt niet voorzover in het geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet milieubeheer.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 1 › Paragraaf 5
Artikel 2.1.5.1
Het plaatsen van voorwerpen op, aan of boven de weg in strijd met de publieke functie van de weg
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Leidschendam-Voorburg 2003 (8e wijziging)