Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 4

Artikel 2.4.9

Hinderlijk gedrag bij of in gebouwen

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Leidschendam-Voorburg 2003 (8e wijziging)

1.. Het is verboden zonder daartoe bevoegd te zijn, op of aan de weg: zich zonder redelijk doel in een portiek of poort op te houden; zich zonder redelijk doel in, op of tegen een raamkozijn, een stoep of een drempel van een gebouw te zitten of te liggen; tegen een deur of raam van een gebouw te leunen. 2.. Het is aan anderen dan bewoners of gebruikers van flatgebouwen, appartementsgebouwen en soortgelijke meergezinshuizen en van gebouwen die voor publiek toegankelijk zijn, verboden zich zonder redelijk doel te bevinden in een voor gemeenschappelijk gebruik bestemde ruimte van zo’n gebouw.

Rechtspraak bij dit artikel