Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5 › Afdeling 3

Artikel 5.3.9

Grote vaartuigen op de tot het recreatiegebied Vlietland behorende plassen

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Leidschendam-Voorburg 2003 (8e wijziging)

1.. Het is de eigenaar of schipper van een vaartuig met een lengte van meer dan 7 meter verboden zich met dat vaartuig te bevinden op de tot het recreatiegebied Vlietland behorende waterplassen. 2.. Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder lengte: de afstand van de voorkant van het voorste tot de achterkant van het achterste vaste deel van de romp, zonder de boegspriet, de papegaaistok en het trimvlak. 3.. Het in het eerste lid bepaalde is niet van toepassing op: vaartuigen van de politie; vaartuigen, toebehorende aan of uitsluitend gebezigd voor werken ten behoeve van de provincie Zuid-Holland, de gemeente Leidschendam-Voorburg en het Hoogheemraadschap van Rijnland; vaartuigen, die, komende van het Rijn-Schiekanaal een rechte oversteek maken naar de Meerburgerwatering en terugkeren via de Bakkersloot, waarvoor het Hoogheemraadschap van Rijnland een vaarvergunning heeft verleend. 4.. Het college kan van het in het eerste lid gestelde verbod ontheffing verlenen. 5.. Het in het eerste bepaalde geldt niet voor zover het Binnenvaartpolitiereglement, de Wet beheer rijkswaterstaatwerken, de Provinciale Vaarwegenverordening, de Provinciale verordening watergebieden en pleziervaart of Provinciale landschapsverordening van toepassing is.

Rechtspraak bij dit artikel