Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk I

Artikel 4

Diepte mandatering

Onderdeel van Mandaatregeling gemeente Heumen 2010

1.. de uitoefening van de bevoegdheden in het bij dit besluit behorende register op te dragen aan de direct leidinggevende en in een aantal gevallen aan de medewerker. 2.. de uitoefening van de bevoegdheden aangelegenheden, in het bij dit besluit behorende register op te dragen aan de directie. 3.. de uitoefening van de bevoegdheden, in het bij dit besluit behorende register voor wat betreft (routine)correspondentie en uitvoering op te dragen aan de medewerkers; 4.. indien een direct leidinggevende het te nemen besluit heeft voorbereid, ligt het mandaat bij de directeur. In het geval één van de directeuren een te nemen besluit heeft voorbereid, ligt het mandaat, met in achtneming van de (specifieke) voorwaarde, vermeld in vanaf links geteld de vierde en laatste kolom van het bij dit besluit behorende register, bij de desbetreffende portefeuillehouder. 5.. in alle gevallen waarin de medewerker bevoegd is, is tevens de direct leidinggevende en één van de directeuren bevoegd. 6.. in alle gevallen waarin de direct leidinggevende bevoegd is , is tevens één van de directeuren bevoegd. 7.. de uitoefening van het ondertekeningsmandaat beperkt zich in alle gevallen tot de direct leidinggevende en één van de directeuren.

Rechtspraak bij dit artikel