Het college bepaalt ten aanzien van alle markten:
de opstelling en de indeling van de markten overeenkomstig de bij dit besluit behorende en als zodanig gewaarmerkte tekeningen;
op alle vaste standplaatsen wordt het toegestaan eigen materiaal te gebruiken. Onder eigen materiaal wordt verstaan een verkoopwagen of markavan.
tevens wordt onder eigen materiaal kraamverbreders verstaan. De ambulante handelaar mag ter bescherming van zijn waren wel zijn luifel verlengen, maar dient altijd minimaal 3 meter afstand te hebben van zijn overbuur;
op alle vaste standplaatsen op de warenmarkten is het toegestaan maximaal 60 cm voor de staander van de huurkraam goederen uit te stallen;
de verkoopwagens en markavans dienen technisch inpasbaar te zijn. Onder technisch inpasbaar wordt verstaan, dat het eigen materiaal binnen de gegunde ruimte inpasbaar moet zijn, waarbij eventueel naastgelegen kramen hiervan geen hinder mogen ondervinden.
de hoogte van de voorste begrenzing van eigen materiaal (bij huurkraam de voorlat) dient ten minste twee meter te zijn;
het eigen materiaal mag niet voorbij de voorste staander van de huurkraam worden geplaatst;
indien niet aan sub e, f en g kan worden voldaan, kan geen aanspraak worden gemaakt voor het innemen van een vaste standplaats met eigen materiaal op de tot dan met huurmateriaal ingenomen standplaats.
Het college bepaalt ten aanzien van de markt op dinsdag (Arkendonk):
het aantal standplaatseenheden op: 33;
de standplaatseenheden, op de tekening als bedoeld in lid 1 onder a aangeduid met de nummers 1 t/m 33, worden aangewezen als vaste standplaats. De plaats op de tekening als bedoeld in lid 1 onder a aangeduid met het nummer S1 als standwerkerplaats.
de afmeting van een standplaatseenheid op 4 x 4 meter.
Het college bepaalt ten aanzien van de markt op woensdag (Zuiderhout):
het aantal standplaatseenheden op: 48;
de standplaatseenheden, op de tekening als bedoeld in lid 1 onder a aangeduid met de nummers 1 t/m 48, worden aangewezen als vaste standplaats. De plaatsen op de tekening als bedoeld in lid 1 onder a aangeduid met de nummers S1 en S2 als standwerkerplaats;
de afmeting van een standplaatseenheid op 4 x 4 meter.
Het college bepaalt ten aanzien van de markt op zaterdag (Markt en Basiliekstraat):
het aantal standplaatseenheden op: 120;
de standplaatseenheden, op de tekening als bedoeld in lid 1 onder a aangeduid met de nummers 1 t/m 120, worden aangewezen als vaste standplaats. De plaatsen op de tekening als bedoeld in lid 1 onder a aangeduid met het nummer S1 t/m S3 als standwerkerplaats. De plaatsen op de tekening als bedoeld in lid 1 onder a aangeduid met de nummers 86 en 87 als seizoensplaats;
de standplaatseenheden, op de tekening als bedoeld in lid 1 onder a aangeduid met de nummers 8, 23, 61a, 69a, 93, 104, 103 als bak- en braadplaats;
de afmeting van een standplaatseenheid aangeduid op tekening.
Hoofdstuk
Artikel 3.
Inrichting van de markten
Onderdeel van Nadere regels voor de warenmarkt in de gemeente Oosterhout