Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf

Artikel 21

Artikel 21

Onderdeel van Monumentenverordening 1999

Burgemeester en wethouders kunnen, al dan niet op verzoek van belang hebbenden, besluiten zaken aan te wijzen als beschermde beeldbepalende zaak. a Voordat burgemeester en wethouders over de aanwijzing een besluit nemen vragen zij advies aan de Monumentencommissie en aan degenen die in de kadastrale registratie als eigenaar en beperkt gerechtigde staan vermeld, de hypothecaire schuldeisers en, indien om de aanwijzing is verzocht, de verzoeker. In spoedeisende gevallen kan dit advies achterwege blijven. b Met ingang van de datum waarop de eigenaar van een beeldbepalende zaak de kennisgeving van het voornemen tot aanwijzing als beschermde beeldbepalende zaak ontvangt tot het moment dat de registratie als bedoeld in artikel 6 lid 1 plaatsheeft of vaststaat dat het object niet wordt aangewezen is artikel 23 van overeenkomstige toepassing. Alvorens burgemeester en wethouders een kerkelijke beeldbepalende zaak aanwijzen, voeren zij overleg met de eigenaar. Beschermde beeldbepalende zaken, die zijn ingeschreven in het register als bedoeld in artikel 6 van de Monumentenwet of die zijn geregistreerd op een lijst van monumenten, op grond van een Monumentenverordening van de provincie Noord-Brabant of de Monumentenverordening 1999 worden door burgemeester en wethouders niet op de in dit artikel bedoelde lijst geplaatst.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel