Naar hoofdinhoud

Paragraaf 2

Artikel 12

Overschrijving vastestandplaatsvergunning

Onderdeel van Marktverordening Leidschendam-Voorburg 2004

1.. In geval van overlijden of blijvende arbeidsongeschiktheid van de vergunninghouder kan de vastestandplaatsvergunning worden overgeschreven op de achterblijvende echtgenoot, de geregistreerde partner of een andere achterblijvende persoon met wie hij duurzaam samenwoonde. 2.. Indien de vergunning niet kan worden overgeschreven op grond van het eerste lid, kan een kind van de vergunninghouder de vergunning voor een vaste standplaats krijgen indien hij ten minste drie jaar in loondienst van het marktbedrijf van de vergunninghouder heeft gewerkt of gedurende een zelfde periode als mede-eigenaar in dit bedrijf heeft gefunctioneerd en zich heeft laten inschrijven op de wachtlijst. 3.. Een aanvraag tot overschrijving wordt ingediend binnen twee maanden na het overlijden van de vergunninghouder of nadat de blijvende arbeidsongeschiktheid is vastgesteld. 4.. Indien de vergunning niet kan worden overgeschreven op grond van lid 1 en lid 2 dan kan een medewerker van de vergunninghouder voor een vergunning voor een vaste standplaats in aanmerking komen indien hij minimaal drie jaar onafgebroken in loondienst van het marktbedrijf van de standplaatshouder heeft gewerkt of gedurende een zelfde periode als mede- eigenaar in dat bedrijf heeft gefunctioneerd. Voorts dient bij notariële akte te worden aangetoond dat de onderneming in eigendom van de medewerker is overgegaan en dat de marktplaats geen economische factor in de overname is. Tot slot dient de werknemer of mede-eigenaar ingeschreven te zijn op de wachtlijst. 5.. Ten minste twee maanden vóór het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd, danwel bij gebruikmaking van de oudedagsvoorziening ten minste twee maanden vóór de datum van ingang van die voorziening, kan de standplaatshouder een verzoek tot overschrijving op een gezinslid of medewerker indienen. Dat gezinslid of die medewerker dient minimaal drie jaar in loondienst van het marktbedrijf van de standplaatshouder te hebben gewerkt of gedurende eenzelfde periode als mede-eigenaar te hebben gefunctioneerd en dient te zijn ingeschreven op de wachtlijst. Voorts dient bij daadwerkelijke overschrijving van de vergunning bij notariële akte te worden aangetoond dat de onderneming in eigendom is overgegaan en dat de marktplaats geen economische factor in de overname is. 6.. Het college is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken van het bepaalde in dit artikel.

Rechtspraak bij dit artikel