Naar hoofdinhoud
Ieder lid dat in de vergadering aanwezig is, is bevoegd tijdens de beraadslagingen wijzigingen voor te stellen op het voorgestelde besluit of een onderdeel daarvan (amendement). Ieder lid dat in de vergadering aanwezig is, is bevoegd op het amendement dat door een lid is ingediend, een wijziging voor te stellen (subamendement). Elk (sub)amendement moet schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend, tenzij de voorzitter –met het oog op het eenvoudige karakter van het voorgestelde- oordeelt, dat met een mondelinge indiening kan worden volstaan. Tenzij de raad anders besluit kan een amendement alleen in de eerste termijn worden ingediend. Een (sub)amendement dient zodanig te zijn geformuleerd dat de tekst ervan geschikt is om in het ontwerp-besluit te worden verwerkt. Voordat de besluitvorming door de raad heeft plaatsgevonden kan het (sub)amendement te allen tijde door de indiener(s) worden ingetrokken.

Rechtspraak bij dit artikel