Naar hoofdinhoud
1.. De in hoofdstuk 2 van de bij deze verordening behorende tabel bedoelde rechten worden niet geheven voor het begraven van een als levenloos aangegeven of binnen drie maanden na de geboorte overleden kind dat met het stoffelijk overschot van de moeder in één kist wordt begraven. 2.. De in hoofdstuk 4 van de bij deze verordening behorende tabel bedoelde rechten worden niet geheven voor het opgraven van een stoffelijk overschot of een asbus of voor het verwijderen van een urn op rechterlijk gezag. 3.. Het in hoofdstuk 6 van de bij deze verordening behorende tabel bedoelde recht wordt niet geheven indien het een wijziging of aanvulling van een reeds bestaande grafbedekking betreft, alsmede indien voorwerpen worden vervangen door andere van dezelfde afmetingen.

Rechtspraak bij dit artikel