Een ambtenaar verleent op verzoek van de griffier of de
secretaris ambtelijke bijstand tenzij:
het raadslid niet aannemelijk heeft gemaakt dat de
bijstand betrekking heeft op de werkzaamheden van de
raad;
dit het belang van de gemeente kan schaden.
De secretaris beoordeelt of ambtelijke bijstand op grond van
het eerste lid geweigerd wordt.
Indien de bijstand op grond van het eerste lid wordt
geweigerd deelt de secretaris dit met redenen omkleed mee
aan de griffier en aan het raadslid dat het verzoek heeft
ingediend.
Paragraaf 1:
Artikel 2
Artikel 2
Onderdeel van Verordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning