Verordeningen met betrekking tot de regionale gezondheidsdienst worden door het algemeen bestuur vastgesteld voor zover de bevoegdheid daartoe niet bij de wet of door het algemeen bestuur krachtens de wet aan het dagelijks bestuur of de voorzitter is toegekend.
De overige bevoegdheden berusten bij het algemeen bestuur voor zover deze niet bij of krachtens de wet aan het dagelijks bestuur of de voorzitter zijn toegekend.
Het algemeen bestuur kan bij verordening beleidsregels vaststellen waarmee andere organen van de regionale gezondheidsdienst rekening houden bij de uitoefening van bij of krachtens de wet verleende bevoegdheden. Ten aanzien van de bekendmaking van deze verordening zijn de artikelen 139, 140 en 141 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing.
Hoofdstuk
Artikel 38:
Bevoegdheden algemeen bestuur
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Gemeentelijke Gezondheidsdienst regio Utrecht.