De leden van het dagelijks bestuur zijn, zowel tezamen als ieder afzonderlijk, aan het algemeen bestuur verantwoording verschuldigd voor het door hen gevoerde bestuur.
De leden van het dagelijks bestuur geven - hetzij tezamen, hetzij afzonderlijk - aan het algemeen bestuur, wanneer het algemeen bestuur of één of meer leden daarvan hierom verzoekt, alle gevraagde inlichtingen.
Een lid van het dagelijks bestuur kan door het algemeen bestuur worden ontslagen, indien dit lid het vertrouwen van het algemeen bestuur niet meer bezit. In dit geval is het bepaalde in de artikelen 49 en 50 van de Gemeentewet van toepassing.
Het reglement van orde voor het algemeen bestuur regelt de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan het bepaalde in het tweede lid.
Hoofdstuk
Artikel 15
Verantwoording leden dagelijks bestuur
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling RWA