Naar hoofdinhoud

Artikel 13

Intrekken van de vergunning

Onderdeel van Monumentenverordening 2004

1.. De vergunning kan door het college worden ingetrokken indien: a. Blijkt dat de vergunning ten gevolge van een onjuiste of onvolledige opgave is verleend; b. Blijkt dat de vergunninghouder de voorschriften als bedoeld in artikel 10 niet naleeft; c. De omstandigheden aan de kant van de vergunninghouder zich zodanig hebben gewijzigd, dat het belang van het monument zwaarder dient te wegen; d. Niet binnen 26 weken van de vergunning gebruik wordt gemaakt. 2.. Het besluit tot intrekking wordt in afschrift gezonden aan de monumentencommissie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel