Naar hoofdinhoud
1.. Burgemeester en wethouders kennen geldelijke steun toe in de vorm van een stimuleringslening ter tegemoetkoming in de door hen vast te stellen kosten van voorzieningen voor de in Artikel 7, lid 1, aangegeven categorieën. Onder de kosten van voorzieningen als bedoeld in deze verordening wordt mede de financieringskosten verstaan. 2.. Een stimuleringslening wordt alleen toegekend voor plannen waarvan de goedgekeurde kosten van voorzieningen € 5.000 of meer zijn per aanvraag. 3.. Voor voorzieningen wordt geen stimuleringslening toegekend over dat deel waarvoor op grond van enige regeling al financiële steun is of wordt toegekend. 4.. Burgemeester en wethouders stellen de subsidiabele kosten voor de toekenning van een stimuleringslening vast in een toewijzingsbesluit. 5.. Burgemeester en wethouders leggen de voorlopige toekenning van de stimuleringslening vast in een toewijzingsbrief, waarin wordt vastgelegd: de goedgekeurde kosten zoals vastgesteld in het toewijzingsbesluit; de maximale lening; de maximale looptijd; voor de categorieën genoemd Artikel 7, lid 1, a en b: een vast rentepercentage voor de gemeentelijke stimuleringslening gedurende de gehele looptijd; voor de categorieën genoemd Artikel 7, lid 1, c: de eerste drie jaar renteloos en daarna een rente afhankelijk van betaalcapaciteit van de aanvrager, vast te stellen door het Stimuleringsfonds; toewijzingsnummer; de soort lening; of er wel of niet sprake is van een bouwkrediet; of er wel of niet sprake is van een advies van het bemiddelend orgaan; of er wel of niet sprake is van een hypotheek 6.. Van de toekenning van de voorlopige stimuleringlening doen burgemeester en wethouders melding bij het Stimuleringsfonds door middel van een afschrift van de toewijzingsbrief. 7.. Op basis van de toewijzingsbrief kan de aanvrager bij het Stimuleringsfonds een offerte aanvragen voor de stimuleringslening. De aanvrager ontvangt daartoe van de gemeente bij de toewijzingsbrief een aanvraagformulier voor de Stimuleringslening. 8.. De gemeente is bereid voor een door het Stimuleringsfonds te verstrekken Bouwfonds Combinatielening een gemeentegarantie af te geven. Voor deze garantie is een advies van het Bemiddelend Orgaan vereist. 9.. De stimuleringslening wordt vastgelegd in een onderhandse of een notariële akte. Voor een stimuleringslening hoger dan € 7.500 is hypothecaire zekerheid vereist, hetgeen wordt vastgelegd in een notariële akte. Voor stimuleringsleningen gelijk of lager dan € 7.500 is geen hypothecaire zekerheid vereist, tenzij burgemeester en wethouders bepalen dat wel hypothecaire zekerheid vereist is. In het geval geen hypothecaire zekerheid vereist is, volstaat een onderhandse akte. De kosten voor de notariële of onderhandse akte komen voor rekening van de aanvrager. 10.. De toegekende stimuleringslening in de categorieën genoemd in Artikel 7, lid 1 a en b, wordt gestort in een bij het Stimuleringsfonds te openen bouwkrediet. Declaraties uit het bouwkrediet behoeven de goedkeuring van de gemeente. Ook de eventuele eigen financiële middelen worden in het bouwkrediet gestort, tenzij anders is overeengekomen; 11.. De toegekende stimuleringslening in de categorieën genoemd in Artikel 7, lid 1, c, wordt gestort bij de notaris die de verkoop van de woning behandeld, ter betaling aan de eigenaar van de woning.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel