Naar hoofdinhoud
1.. Een gehandicaptenparkeerkaart verliest zijn geldigheid: door het verloop van twee jaren na de dag van afgifte; door het overlijden van de invalide aan wie de kaart is verstrekt; indien de houder niet langer voldoet aan de criteria van afgifte, dit ter beoordeling van burgemeester en wethouders op basis van een geneeskundig onderzoek; indien de houder de aan het gebruik van de kaart verbonden voorschriften niet naleeft, dit ter beoordeling van burgemeester en wethouders na advies hierover van de politie; door afgifte van een duplicaat. 2.. Indien tussentijds in verband met wijziging van het kenteken of de wijze van vervoer danwel in verband met verlies of in ongerede raken van de kaart, een nieuwe kaart wordt verstrekt, dan geldt daarvoor de geldigheidstermijn die gold voor de vervangen kaart.

Rechtspraak bij dit artikel