Burgemeester en wethouders kunnen de gevraagde voorzieningen in ieder geval weigeren:
voor zover de aanvraag een financiële tegemoetkoming betreft in kosten die de aanvrager voor het moment van beschikken heeft gemaakt;
indien een voorziening als waarop de aanvraag betrekking heeft reeds eerder krachtens deze verordening is vergoed of verstrekt en de normale afschrijvingsduur voor dat de voorziening nog niet is verstreken, tenzij de eerdere vergoeding of verstrekte voorziening geheel of gedeeltelijk verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de aanvrager zijn toe te rekenen.
Hoofdstuk 6
Artikel 31
Gronden voor weigering
Onderdeel van Verordening voorzieningen gehandicapten Leidschendam-Voorburg 2004