Naar hoofdinhoud

Artikel 4 Plichten standplaatshouder

Artikel 4 Plichten standplaatshouder

Onderdeel van Verordening op het gebruik van standplaatsen voor woonwagens Landgraaf 1994

1.. De standplaatshouder is verplicht ervoor te zorgen dat de standplaats steeds behoorlijk wordt onderhouden. Bij het onderhoud dienen de regelen en aanwijzingen dieter zake door Burgemeester en Wethouders worden gegeven te worden opgevolgd. 2.. De standplaatshouder zal gebreken aan de standplaats zo spoedig mogelijk melden aan Burgemeester en Wethouders. 3.. Het is de standplaatshouder verboden om: de standplaats geheel of gedeeltelijk aan derden in huur of gebruik af te staan; in of op de standplaats enigerlei nering of bedrijf uit te oefenen of te laten uitoefenen en/of goederen en/of afvalstoffen en dergelijke te hebben of op te slaan welke betrekking hebben op de uitoefening van enigerlei nering of bedrijf; in of op de standplaats voorwerpen of stoffen aanwezig te hebben, welke door gasvorming, brand- of explosiegevaar I gewicht, lawaai, hinderlijke geur of op enigerlei andere wijze hinder of gevaar veroorzaken of kunnen veroorzaken. 4.. Het isde standplaatshouder verboden om, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Burgemeester en Wethouders: de woonwagen op de standplaats te verplaatsen of te laten verplaatsen; in of op de standplaats aan of bij te bouwen, af te breken of enige andere verandering aan te brengen dan wel zulks te laten gebeuren; de bij de standplaats behorende erfafscheiding te verwijderen, te verplaatsen of anderszins te veranderen dan wel zulks te laten gebeuren. 5.. Burgemeester en Wethouders weigeren de in het vierde lid bedoelde toestemming, indien de voorgenomen verandering in strijd is met een wettelijk voorschrift, en kunnen aan de toestemming voorschriften verbinden. 6.. De ingevolge dit artikel gevorderde toestemming is niet vereist in gevallen waarin wordt gehandeld door, vanwege of in opdracht van Burgemeester en Wethouders.

Rechtspraak bij dit artikel