**1..** De aanvraag voor een woonvoorziening zoals bedoeld in artikel 4.1, tweede lid wordt ingediend in de gemeente waar de aan te passen woning staat.
**2..** Het college verleent de in het eerste lid genoemde woonvoorziening slechts, indien de aanvrager zijn hoofdverblijf heeft of zal hebben in de woonruimte waaraan de voorziening wordt getroffen.
**3..** In afwijking van het gestelde in het tweede lid kan een woonvoorziening worden verleend voor het aanpassen van één woonruimte, indien de aanvrager zijn hoofdverblijf heeft in een AWBZ-instelling maar wel vaak in bedoelde woonruimte verblijft.
**4..** De woonvoorziening zoals bedoeld in het derde lid betreft slechts een financiële tegemoetkoming in de kosten van:
het bezoekbaar maken of logeerbaar maken (bij een gelijkvloerse woning) van de woonruimte met een maximum van het bedrag zoals genoemd in het Besluit maatschappelijke ondersteuning, of
verhuizing naar een adequate woonruimte met een maximum van het bedrag zoals genoemd in het Besluit maatschappelijke ondersteuning.
**5..** Onder bezoekbaar maken wordt uitsluitend verstaan dat de aanvrager de woonkamer en een toilet kan bereiken c.q. gebruiken. Onder logeerbaar maken wordt uitsluitend verstaan dat de aanvrager de woonruimte, de woonkamer, de slaapkamer, de badkamer en een toilet kan bereiken c.q. gebruiken.
**6..** Nadere regelgeving omtrent de uitvoering van het gestelde in het derde, vierde en vijfde lid wordt uitgewerkt in het Besluit maatschappelijke ondersteuning.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.7
Woningaanpassing en hoofdverblijf
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente IJsselstein 2007