**1..** De accountant bepaalt de wijze waarop de accountantscontrole wordt ingericht alsmede aard en omvang van de daarbij behorende werkzaamheden. Het college kan aan de accountant aanvullende controles opdragen voor afzonderlijke accountantsverklaringen betreffende declaraties en jaaropgaven voor derden.
**2..** De periodiciteit van de uit te voeren controles bepaalt de accountant, met dien verstande dat alle controles als bedoeld in artikel 3, lid 3, sub a t/m c ten minste eenmaal per jaar plaatsvinden.
**3..** Bij de controle van de jaarrekening houdt de accountant rekening met de hiervoor vastgestelde gemeentelijke planning (zoals is vastgelegd in de verordening artikel 212). Bij het uitwerken van de gemeentelijke planning wordt overleg met de accountant gepleegd.
**4..** De in artikel 3, lid 2, sub a en b bedoelde controlewerkzaamheden kunnen zonder voorafgaande kennisgeving plaatsvinden.
**5. .** Ter voorbereiding op de uitvoering van de accountantscontrole vindt jaarlijks (afstemmings-)overleg plaats tussen de accountant en (een vertegenwoordiger uit) de raad, (een vertegenwoordiger van) de rekenkamercommissie, de portefeuillehouder financien, de gemeentesecretaris, de concerncontroller en de comptabele.
Hoofdstuk
Artikel 4
Inrichting accountantscontrole
Onderdeel van Verordening voor de accountantscontrole op het financieel beheer en de inrichting van de financiele organisatie