De commissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter dit in overleg met het presidium noodzakelijk acht of ten minste de helft van het aantal leden hun verlangen hiertoe met opgave van redenen aan de voorzitter mededelen, in welk geval de vergadering wordt gehouden binnen twee weken na ontvangst van deze mededeling.
De voorzitter bepaalt in overleg met het presidium dag, uur en plaats van de vergadering. Hij zorgt er voor dat elk lid tijdig schriftelijk wordt opgeroepen. De oproeping voor de vergadering vermeldt de agenda alsmede de volgorde van de te behandelen onderwerpen en wordt voor zover mogelijk vergezeld van de stukken, die betrekking hebben op deze onderwerpen.
Leden van de raad die geen lid van de betreffende commissie zijn, de leden van het col-lege en de gemeentesecretaris ontvangen gelijktijdig eveneens een exemplaar van de agenda.
De agenda voor een openbare vergadering wordt bovendien op de gebruikelijke wijze ter openbare kennis gebracht.
De openbare kennisgeving vermeldt:
de datum, de aanvangstijd en plaats van de vergadering;
de wijze waarop en plaats waar eenieder de agenda en de daarbij behorende voorstellen kan inzien;
de mogelijkheid voor niet-leden van een commissie tot het uitoefenen van het spreekrecht.