** 1. .** Uitzicht op inkomensverbetering wordt verondersteld ten aanzien van de belanghebbende die:
op de peildatum uit ’s Rijks kas bekostigd onderwijs volgt en/of studiefinanciering ontvangt op grond van de WSF of die een opleiding volgt als bedoeld in de Wtos;
tijdens de referteperiode een opleiding of onderwijs als bedoeld in sub a heeft gevolgd;
wegens een gedraging van de tweede of derde categorie zoals bedoeld in de artikelen 7 en 8 van de Afstemmingsverordening Participatiewet, Bbz, IOAW en IOAZ 2015 Gemeente Oegstgeest tijdens de referteperiode een maatregel opgelegd heeft gekregen;
wegens een gedraging genoemd in artikel 18 lid 4 Participatiewet, artikel 37 IOAW en IOAZ - met uitzondering van lid 1 sub b - tijdens de referteperiode een maatregel opgelegd heeft gekregen;
wegens een gedraging genoemd in artikel 18b Participatiewet tijdens de referteperiode een maatregel opgelegd heeft gekregen;
wegens een gedraging, met een benadelingsbedrag als gevolg, zoals genoemd in artikel 18a lid 1 van de Participatiewet en artikel 20a van de IOAW en de IOAZ, tijdens de referteperiode een bestuurlijke boete opgelegd heeft gekregen;
door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) een maatregel of een bestuurlijke boete opgelegd heeft gekregen tijdens de referteperiode;
een hoger inkomen heeft dan de toepasselijke bijstandsnorm maar gedurende drie jaar op bijstandsniveau leeft wegens een minnelijke schuldregeling of Wsnp-traject.
inkomsten uit arbeid ontvangt onder de inkomensgrens voor de individuele inkomenstoeslag door bewust te kiezen voor een deeltijdbaan, terwijl er mogelijkheden zijn het inkomen te verhogen.
** 2. .** Belanghebbende(n) die vallen onder de categorieën genoemd onder lid 1 komen in beginsel niet in aanmerking voor de individuele inkomenstoeslag.
** 3. .** Voor zover in dit artikel gesproken wordt over opgelegde maatregelen en boetes hebben deze ook betrekking op maatregelen en boetes die voor 1 januari 2015 opgelegd zijn op grond van de Wet werk en bijstand.
** 4. .** Als in een andere situatie dan genoemd in lid 1 kan worden vastgesteld dat er sprake is van uitzicht op inkomensverbetering, behoudt het college zich het recht voor de aanvraag voor de individuele inkomenstoeslag af te wijzen.
Artikel 3.