Met inachtneming van de artikelen 2 en 3 beoordeelt het college of belanghebbende(n) op de aanvraagdatum uitzicht, of geen uitzicht heeft op inkomensverbetering.
Deze beoordeling geschiedt aan de hand van:
a. de krachten en bekwaamheden van een belanghebbende(n) en;
b. de inspanningen die belanghebbende heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen.
Artikel 4.