De juridische grondslag voor het plaatsen van terrassen is binnen onze gemeente geregeld in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). In artikel 2:28 van de APV is geregeld dat geen openbare inrichting mag worden geëxploiteerd zonder vergunning van de burgemeester (de zogenaamde exploitatievergunning). Bij openbare inrichtingen kan onder meer worden gedacht aan horecabedrijven, ijssalons en broodjeszaken. Op grond van de exploitatievergunning kan de burgemeester voorwaarden verbinden aan het plaatsen van een terras. Over de op te nemen voorwaarden wordt nader ingegaan in paragraaf 1.5.
Op grond van artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan een bestuursorgaan beleidsregels vaststellen met betrekking tot een hem toekomende bevoegdheid.
In artikel 2:10 van de APV worden regels gesteld over het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg in strijd met de publieke functie ervan. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het plaatsen van reclameborden die met de activiteiten van de openbare inrichting samenhangen of het plaatsen van winkelrekken voor een winkel.
Op grond van lid 2 van het genoemd artikel kan het college in het belang van de openbare orde of de woon – en leefomgeving nadere regels stellen ten aanzien van terrassen en uitstallingen.
Met deze notitie worden nadere regels gesteld voor het gebruik van het openbaar gebied door inrichtingen zoals hierboven genoemd. In de praktijk gaat het hier met name om nadere regels voor het gebruik van het openbaar gebied door horecaondernemingen en winkels.
Hoofdstuk 1.
Artikel 1.1
Juridische grondslag
Onderdeel van Besluit van de burgemeester van de gemeente Echt-Susteren houdende Uitstallingen – en terrassenbeleid gemeente Echt-Susteren