Naar hoofdinhoud
1. Motorvoertuigen behoren tot het in artikel 34 van de Participatiewet relevant vermogen. 2. De waarde van het motorvoertuig kan bij de vermogensvaststelling slechts buiten beschouwing worden gelaten als: a. het motorvoertuig ouder is dan 7 jaar, tenzij dat vanuit oogpunt van de bijstandsverlening onverantwoord is; b. het motorvoertuig onmisbaar is in verband met werk en/of invaliditeit, tenzij dat vanuit oogpunt van de bijstandsverlening onverantwoord is. 3. Voor de vaststelling van de waarde van het motorvoertuig wordt als richtlijn de koerslijst van de ANWB gehanteerd, waarbij de laagste verkoopprijs leidend is. 4. Indien belanghebbende aannemelijk kan maken dat de daadwerkelijke waarde van het motorvoertuig sterk afwijkt van de op de koerslijst voorkomende waarde, wordt afgeweken van waarde op de koerslijst.

Rechtspraak bij dit artikel