Indien de belastingplicht in de loop van het kalenderjaar aanvangt, is de belasting als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, verschuldigd voor zoveel 52ste gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle weken overblijven.
Indien de belastingplicht in de loop van het kalenderjaar eindigt, bestaat voor de belasting als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, aanspraak op ontheffing voor zoveel 52ste gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle weken overblijven.