Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7:

Artikel 20

Benoeming en positie

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Drechtsteden

De voorzitter van de Drechtraad en van het Drechtstedenbestuur is de burgemeester van Dordrecht. De plaatsvervangend voorzitter van de Drechtraad wordt door de Drechtraad uit de leden als bedoeld in artikel 9, tweede lid onder a aangewezen. De plaatsvervangend voorzitter van het Drechtstedenbestuur wordt door het Drechtstedenbestuur uit zijn midden aangewezen. Bij verhindering of ontstentenis van de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter worden zij vervangen door een lid, door en uit de Drechtraad respectievelijk het Drechtstedenbestuur aan te wijzen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel