Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 28

Geheimhouding

Onderdeel van Verordening op de raadscommissie 2005

1.. Geheimhouding op de inhoud van de in de besloten sessie behandelde stukken kan overeenkomstig artikel 86, lid 1 GW, opgelegd worden door de commissie tijdens de vergadering, en overeenkomstig artikel 86, lid 2 GW, opgelegd worden door het orgaan dat de stukken overlegt. 2.. De vergadering beslist voor afloop van de besloten raadssessie overeenkomstig artikel 86, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent het behandelde geheimhouding zal gelden. De vergadering kan besluiten de geheimhouding op het behandelde op te heffen indien minimaal 5 fracties in de raadssessie vertegenwoordigd zijn. 3.. De geheimhouding omtrent de inhoud van stukken kan uitsluitend worden opgeheven door het orgaan dat de geheimhouding heeft opgelegd, dan wel door de raad, conform artikel 86 lid 2 GW. 4.. Als een raadssessie zich ter zake van het behandelde waarop geheimhouding ligt tot de raad heeft gericht, kan alleen de raad de geheimhouding opheffen (GW art. 86 lid 3). 5.. De sessie kan op grond van artikel 25, lid 2 GW besluiten geheimhouding op te leggen op stukken die zij aan de raad of aan leden van de raad overlegt. Daarvan wordt op de stukken melding gemaakt. 6.. Deze geheimhouding dient in de eerstvolgende vergadering van de raad bekrachtigd te worden (GW art. 25 lid 3). Deze geheimhouding geldt voor allen die bij raadsbehandeling aanwezig zijn en allen die van het behandelde of de stukken kennis dragen, totdat het orgaan dat de verplichting heeft opgelegd of de raad haar opheft. (GW art. 25 lid 1 en 4)

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel