Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 4

Dienstauto

Onderdeel van Verordening geldelijke voorzieningen wethouders 2016

De wethouder kan voor reizen ten behoeve van de gemeente gebruik maken van een dienstauto met of zonder chauffeur. Onder dienstauto wordt voor de toepassing van dit artikel mede verstaan een door de gemeente ingehuurde auto. Reizen ten behoeve van de gemeente zijn: reizen in de uitoefening van het wethouderschap, hieronder worden tevens begrepen reizen naar aanleiding van een uitnodiging, verblijf of werkbezoek welke de instemming heeft van het college; reizen ten behoeve van een nevenfunctie, welke voldoet aan een van de criteria zoals vastgelegd in de gedragscode B&W Haarlemmermeer; Indien de wethouder voor reizen ten behoeve van in het tweede lid bedoelde nevenfuncties gebruik maakt van de gemeentelijke dienstauto en daarvoor van een derde ook een vergoeding van reiskosten ontvangt, wordt die vergoeding in de gemeentelijke kas gestort. Indien aan de wethouder een dienstauto ter beschikking is gesteld en hij voor het gebruik van deze dienstauto loon- en inkomstenbelasting is verschuldigd, kan het college van burgemeester en wethouders bepalen dat deze belastingheffing door de gemeente aan de wethouder wordt vergoed. De vergoeding betreft ten hoogste de gebruteerde verschuldigde loon- en inkomstenbelasting voor het gebruik van de dienstauto.

Rechtspraak bij dit artikel