Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1

Begrippen

Onderdeel van Participatieverordening Meierijstad 2017

In deze verordening wordt verstaan onder: bijstand: algemene en bijzondere bijstand; doelgroep: personen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder a, van de wet; doelgroep loonkostensubsidie: personen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a van de Participatiewet, van wie is vastgesteld dat zij met voltijdse arbeid niet in staat zijn tot het verdienen van het wettelijk minimumloon, doch wel mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben (artikel 6, eerste lid, onderdeel e, Participatiewet); grote afstand tot de arbeidsmarkt (doeltrede 3 en 4): deelname aan de arbeidsmarkt is redelijkerwijs niet mogelijk binnen één jaar; Individuele studietoeslag: Een toeslag voor personen, die studeren en van wie is vastgesteld dat deze door een structurele medische beperking tijdens de studie geen inkomsten kunnen verwerven.; korte afstand tot de arbeidsmarkt (doeltrede 5 en 6): deelname aan de arbeidsmarkt is redelijkerwijs mogelijk binnen één jaar; IOAW: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers; IOAZ: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; voorziening: de re-integratie instrumenten die het dagelijks bestuur kan inzetten en waarvan de inzet noodzakelijk wordt geacht om de arbeidsinschakeling of maatschappelijke participatie te bevorderen; vermogen: waarde van de bezittingen waarover belanghebbende of diens gezin beschikt of redelijkerwijs kan beschikken(artikel 34 van de wet), met uitzondering van het in de woning met bijbehorend erf gebonden vermogen, bedoeld in artikel 50, eerste lid, van de wet. wet: Participatiewet. Alle niet nader omschreven begrippen in deze verordening worden gebruikt zoals zij zijn gedefinieerd in de Algemene wet bestuursrecht, de Participatiewet of overige in deze verordening aangehaalde wetten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel