1. Het college kan de aanwijzing al dan niet op aanvraag van een belanghebbende wijzigen.
2. Artikel 3, tweede, vierde en zevende lid, alsmede artikel 4 en 5, zijn van overeenkomstige toepassing op de wijziging.
3. Indien de wijziging naar het oordeel van het college van ondergeschikte betekenis is, blijft overeenkomstige toepassing van artikel 3, tweede, vierde en zevende lid, alsmede artikel 4 en 5 achterwege.
4. De inhoud en de datum van de wijziging worden in het gemeentelijk monumentenregister aangetekend en medegedeeld aan de bewaarder van het kadaster en de openbare registers.
Hoofdstuk 2. Gemeentelijke monumenten in de zin van artikel 1, onder 3 a. › Paragraaf 1. Aanwijzing en registratie.
Artikel 7. Wijzigen van de aanwijzing
Artikel 7. Wijzigen van de aanwijzing
Onderdeel van Monumentenverordening 2006