De commissie of de voorzitter kan na afloop van de zitting doch voor het uitbrengen van het advies besluiten om nader onderzoek te houden.
Verkregen informatie of adviezen worden in afschrift aan belanghebbende, het bestuursorgaan en de leden van de commissie toegezonden.
Bij toezending als bedoeld in het tweede lid worden belanghebbende en het bestuursorgaan in de gelegenheid gesteld hun standpunt ten aanzien van de verkregen informatie of adviezen schriftelijk uiteen te zetten.
Een tweede hoorzitting wordt niet gehouden, tenzij dat naar het oordeel van de voorzitter noodzakelijk is, of het bestuursorgaan of de belanghebbende daar binnen een week na verzending van de in het tweede lid bedoelde schriftelijke informatie of adviezen schriftelijk en gemotiveerd om verzoekt. De voorzitter beslist omtrent een dergelijk verzoek.
Op een nieuwe hoorzitting als bedoeld in het vierde lid zijn de bepalingen van deze regeling betreffende de hoorzitting zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing.