In het besluit tot het opleggen van een verlaging van de uitkering als bedoeld in artikel 18, tweede, vijfde en zesde lid, en artikel 9a, twaalfde lid, van de Participatiewet, de artikelen 20 en 38, twaalfde lid, van de IOAW en de artikelen 20 en 38, twaalfde lid, van de IOAZ worden in ieder geval vermeld:
de reden voor de verlaging;
de duur van de verlaging;
het bedrag of percentage waarmee de uitkering verlaagd wordt, en;
indien van toepassing, de reden om af te wijken van de standaardverlaging.
Hoofdstuk 1.
Artikel 2.
Het besluit tot opleggen van een verlaging
Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ Ede 2017