Het college acht in ieder geval in de volgende gevallen opzet aanwezig:
belanghebbende heeft al dan niet in het kader van een handhavingsonderzoek, zelf aangegeven en toegegeven dat hij de inlichtingenverplichting niet is nagekomen om te voorkomen dat hij een lagere uitkering zou ontvangen of de uitkering zou verliezen;
het verzwijgen van werkzaamheden of uitbreiding van de werkzaamheden en daarmee gemoeide inkomsten, of
het verzwijgen van de gezinssamenstelling of van bezit van vermogen of goederen van waarde.