Indien een ambtenaar onvoldoende functioneert, kan worden bepaald dat voor hem de in het vorige artikel bedoelde salarisverhoging achterwege wordt gelaten.
Komt de beoordeling – bij onvoldoende ontwikkeling in de functie – uit op ‘matig’ of ‘slecht’ dan wordt geen periodieke verhoging toegekend.
Artikel 2.4