Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3

Artikel 28

Algemene bepalingen over stemming

Onderdeel van Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Roosendaal

1.. De voorzitter vraagt, of stemming wordt verlangd. Indien geen stemming wordt gevraagd en ook de voorzitter dit niet verlangt, stelt de voorzitter vast dat het voorstel zonder stemming is aangenomen. 2.. In de vergadering aanwezige raadsleden kunnen aantekening in het verslag vragen, dat zij geacht willen worden te hebben tegengestemd of zich op grond van artikel 28 Gemeentewet van stemming te hebben onthouden. 3.. Indien door één of meer raadsleden stemming wordt gevraagd, doet de voorzitter daarvan mededeling. Er wordt altijd gestemd door middel van handopsteking tenzij er gevraagd wordt om een hoofdelijke stemming of gestemd wordt over personen. 4.. Bij een hoofdelijke stemming roept de griffier de raadsleden bij naam op hun stem uit te brengen. Daartoe wordt bij loting een volgnummer van de presentielijst aangewezen; bij het daar genoemde raadslid begint de hoofdelijke stemming. Vervolgens geschiedt de oproeping naar de volgorde van de presentielijst. 5.. Bij hoofdelijke stemming is ieder ter vergadering aanwezig raadslid dat zich niet van deelneming aan de stemming op grond van artikel 28 Gemeentewet moet onthouden verplicht zijn stem uit te brengen. 6.. De raadsleden brengen hun stem uit door het woord ‘voor’ of ‘tegen’ uit te spreken, zonder enige toevoeging. 7.. Heeft een raadslid zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist, dan kan hij deze vergissing nog herstellen voordat het volgende raadslid gestemd heeft. Bemerkt het raadslid zijn vergissing pas later, dan kan hij nadat de voorzitter de uitslag van de stemming bekend heeft gemaakt wel aantekening vragen dat hij zich heeft vergist; in de uitslag van de stemming brengt dit echter geen verandering. 8.. Tenzij de vergadering voltallig is, wordt conform artikel 32 van de Gemeentewet bij staking van stemmen het nemen van een beslissing uitgesteld tot een volgende vergadering, waarin de beraadslagingen kunnen worden heropend. Indien de stemmen staken in een voltallige vergadering of in een ingevolge artikel 32 vierde lid opnieuw belegde vergadering, is het voorstel niet aangenomen. 9.. De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming mede, met vermelding van het aantal voor en tegen uitgebrachte stemmen. Hij doet daarbij tevens mededeling van het genomen besluit.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel