De vergaderingen zijn openbaar.
Het auditcomité kan op grond van een belang, als bedoeld in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur omtrent het in een vergadering behandelde en omtrent de inhoud van de stukken die aan het auditcomité worden voorgelegd geheimhouding opleggen. Daarvan wordt op de stukken melding gemaakt.
Geheimhouding omtrent het in een vergadering behandelde wordt tijdens die vergadering door de voorzitter van het auditcomité opgelegd.
De onder 2 en 3 bedoelde geheimhouding wordt in acht genomen totdat degene die de verplichting heeft opgelegd, dan wel het auditcomité bij meerderheid van stemmen, haar opheft. Indien de stemmen staken blijft de geheimhouding in tact.
Indien het auditcomité zich ter zake van het behandelde waarvoor een verplichting tot geheimhouding geldt tot de raad of het college heeft gericht, wordt de geheimhouding in acht genomen totdat de raad of het college haar opheft.
Het auditcomité vergadert voorafgaand aan de controle van de jaarrekening door de accountant en na afloop van die controle en voorts zo dikwijls als de voorzitter het nodig oordeelt of het door tenminste twee leden schriftelijk met opgaaf van redenen wordt gevraagd.
De voorzitter bepaalt in overleg met de griffier de voorlopige agenda van de vergadering.
Deze agenda met de bijbehorende stukken wordt minstens vijf dagen voor de te houden vergaderingen beschikbaar gesteld aan de leden van het auditcomité. De agenda wordt tevens ter beschikking gesteld aan de overige leden van de raad, alsmede het college.
Het auditcomité stelt bij aanvang van de vergadering de definitieve agenda vast.
Artikel 9
Oproepen/vaststellen van de agenda/openbaarheid vergaderingen
Onderdeel van Verordening van de raad van Gennep inhoudende het auditcomité 2017