Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Benoeming

Onderdeel van Regeling op de Monumentenraad Kampen

De benoeming van de leden geschiedt door burgemeester en wethouders als volgt: de leden als bedoeld in artikel 3, derde lid onder a tot en met e, worden benoemd op voordracht van de organisatie die ze vertegenwoordigen. Vooraf vindt een gesprek plaats tussen het te benoemen lid en de voorzitter van de Monumentenraad Kampen; de leden als bedoeld in artikel 3, derde lid onder f en g, worden benoemd via een sollicitatieprocedure. De sollicitatiecommissie doet een benoemingsvoorstel aan burgemeester en wethouders. Desgewenst kunnen de organisaties als bedoeld in artikel 3, derde lid onder a tot en met e plaatsvervangende leden voordragen. Ook deze plaatsvervangende leden worden benoemd door burgemeester en wethouders. Indien een in artikel 3, derde lid onder a tot en met e genoemde organisatie geen lid levert, kan de plaats in overleg tijdelijk worden ingevuld door een burgerlid als bedoeld in artikel 3, derde lid onder g. Burgemeester en wethouders benoemen op voordracht van de leden van de Monumentenraad Kampen uit het midden van de Monumentenraad Kampen een voorzitter en de secretaris. De Monumentenraad Kampen kan uit zijn midden een plaatsvervangende voorzitter en secretaris aanwijzen. De benoemingen hebben plaats voor een periode van vijf jaren. Aansluitende herbenoeming is tweemaal mogelijk. Het eerste lid is hierbij niet van toepassing. Het lidmaatschap van een lid dat in een tussentijdse vacature is benoemd, eindigt op het tijdstip, waarop het lid in wiens plaats hij is benoemd, zou moeten aftreden. In afwijking van het bepaalde in zesde lid geldt voor een lid dat in een tussentijdse vacature is benoemd, dat aansluitende herbenoeming driemaal mogelijk is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel