Naar hoofdinhoud
1.. Het college is verantwoordelijk voor de samenstelling van de jaarrekening conform de geldende interne - en externe wet- en regelgeving en overlegt deze aan de accountant voor controle. 2.. Het college draagt er zorg voor, dat alle aan de jaarrekening ten grondslag liggende verordeningen, nota's, collegebesluiten, deelverantwoordingen, administraties, plannen, overeenkomsten, berekeningen en dergelijke voor de accountant ter inzage liggen en goed toegankelijk zijn. 3.. De accountant levert het verslag van bevindingen uiterlijk 15 mei op. Het college legt de gecontroleerde jaarrekening tijdig, samen met de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen voor aan de raad, zodanig dat behandeling ervan kan plaatsvinden voorafgaand aan de raad waarin de Kadernota wordt behandeld en uiterlijk op 14 juli volgend op het verslagjaar gerapporteerd kan worden aan gedeputeerde staten. 4.. Alle informatie die na afgifte van de accountantsverklaring en voor behandeling van de jaarrekening in de raad beschikbaar komt en die van invloed is op het beeld dat de jaarrekening geeft, wordt terstond door het college aan de raad en de accountant gemeld. 5.. Het college biedt de accountant jaarlijks voorafgaand aan de accountantscontrole een overzicht aan met de voor het boekjaar geldende en relevante wet- en regelgeving, het zogeheten normenkader. 6.. Bij de jaarrekening bevestigt het college schriftelijk aan de accountant, dat alle hem bekende informatie van belang voor de oordeelsvorming van de accountant is verstrekt.

Rechtspraak bij dit artikel