De grootte en aard van de woonruimte moet passen bij de omvang, samenstelling en leeftijd van de leden van het huishouden.
Bij de toepassing van lid 1 hanteert het college de volgende tabel voor de bepaling van de verhouding tussen het aantal leden van het huishouden en het daarbij toegestane aantal slaapkamers van de woonruimte:
Gezinssamenstelling
Minimum aantal slaapkamers
1 persoon t/m 23 jaar
1 persoon
2 personen
3 personen
4 personen
5 personen of meer
zit/slaapkamer HAT
1 slaapkamer/ vide
1 slaapkamer
2 slaapkamers
3 slaapkamers
3 slaapkamers
Voor de toepassing van de in het vorige lid weergegeven tabel hanteert het college de volgende uitvoeringsregel: indien sprake is van een baby op komst wordt deze meegeteld als persoon indien na 13 weken zwangerschap een bewijs van de arts of verloskundige wordt overlegd.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 2.5.2
Bezettingsnorm
Onderdeel van Huisvestingsverordening Leusden 2003 (gewijzigd per 8 maart 2007)