Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf

Artikel 2.8.3

Urgentiecriteria

Onderdeel van Huisvestingsverordening Leusden 2003 (gewijzigd per 8 maart 2007)

Een woningzoekende komt voor een urgentieverklaring in aanmerking indien deze voldoet aan een of meer van de volgende criteria: Sociale criteria, zoals hieronder nader omschreven in lid 2 financiële criteria, zoals hieronder nader omschreven in lid 3 medische criteria, zoals hieronder nader omschreven in lid 4 Van sociale criteria is in elk geval sprake indien: de aanvrager een dienstwoning moet verlaten, voor zover de werkgever de werknemer tot vrije oplevering heeft gedwongen; de aanvrager de woonruimte moet verlaten ten gevolge van een gerechtelijk (niet zijnde echtscheidings-) vonnis, voorzover dit niet door de betrokkene voorkomen had kunnen worden; de aanvrager als gevolg van een calamiteit, zoals brand of overstroming, de woonruimte moet verlaten of; de aanvrager de woonruimte moet verlaten als gevolg van de beëindiging van een samenlevingsvorm én de zorg heeft voor een of meerdere minderjarige kind(eren). In dit geval kan slechts één partij urgentie aanvragen én moet de woning vrij komen op de woningmarkt. Van financiële criteria is sprake indien: een zodanige financiële positie is ontstaan buiten de schuld om van de aanvrager, waardoor de woonlasten niet meer kunnen worden opgebracht of; de aanvrager een woonkostentoeslag van de sociale dienst ontvangt onder de voorwaarde om te zien naar goedkopere woonruimte en; de onder lid a en b genoemde omstandigheden mogen geen direct gevolg zijn van het verbreken van een samenlevingsvorm. Van medische criteria is sprake indien: een snellere oplossing van het huisvestingsprobleem, in afwijking van de reguliere wachttijd, medisch urgent is.

Rechtspraak bij dit artikel