Naar hoofdinhoud
1.. Indien de deelnemer gedurende de periode van verzuim vakantieplannen heeft dient de deelnemer ten minste één week voor aanvang toestemming voor de geplande vakantie aan de gespreksvoerder te vragen. 2.. De toestemming als bedoeld in het voorgaand lid moet worden gevraagd voor zowel voorgenomen (vakantie)verblijf binnen Nederland als buiten Nederland. 3.. Toestemming kan slechts worden geweigerd indien naar het oordeel van de gespreksvoerder het herstel onverantwoord wordt vertraagd en daarmee een spoedige hervatting van deelname aan de re-integratievoorziening en zal ook pas worden geweigerd na consultatie van de eventueel reeds ingezette inzetbaarheidscoach en/of bedrijfsarts. 4.. Gezien het verblijf op een ander adres dan het woonadres gedurende het verzuim, is de deelnemer verplicht om het verblijfsadres op te geven aan de gespreksvoerder. 5.. De bepalingen inzake de maximaal toegestane verblijfsduur in het buitenland als bedoeld in artikel 13 lid 1 onder e Participatiewet blijven onverminderd van kracht. 6.. Tijdens ziekte genoten vakantiedagen tellen mee voor de maximaal toegestane verblijfsduur als bedoeld in het voorgaande lid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel