De Commissie bestaat ten minste uit:
een geschiedkundige;
een neerlandicus;
een gemeentearchivaris;
een beheerder van het gemeentelijk adressenbestand.
Het college wijst plaatsvervangende leden aan.
De leden en plaatsvervangend leden worden door het college benoemd.
Het lid dat de hoedanigheid verliest op grond waarvan het lid van de Commissie is, treedt op dat moment af als commissielid.
De leden kunnen tussentijds ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de voorzitter van de Commissie, die maatregelen treft om in de vacature te voorzien.
Een lid van het college kan als toehoorder vragen stellen of opmerkingen maken over de aan de orde zijnde agendapunten.