Bij het toepassen van een last onder bestuursdwang op grond van artikel 13b Opiumwet zijn de volgende stappen van belang.
De persoonlijke verwijtbaarheid van de geadresseerde is niet van belang voor de bevoegdheid de last op te leggen en de vaststelling van de duur van de sluitingstermijn. Bepalend daarvoor zijn de verstoring van de openbare orde of het woonklimaat door de handel in harddrugs en de periode die nodig is om de situatie voor de verstoring te herstellen (AbRS 4 juli 2001, LJN: AN6835, AB 2002, 6).
Ingevolge artikel 5:21 van de Awb wordt onder een last onder bestuursdwang verstaan: de herstelsanctie, inhoudende:
een last tot geheel of gedeeltelijk herstel van de overtreding, en
de bevoegdheid van het bestuursorgaan om de last door feitelijk handelen ten uitvoer te leggen, indien de last niet of niet tijdig wordt uitgevoerd.
Bij het opleggen van de last onder bestuursdwang kan de burgemeester besluiten:
Een last aan belanghebbende op te leggen om de woning of lokaal, binnen een gestelde begunstigingstermijn, zelf te ontruimen en te sluiten (“sluit klaar” te maken). De begunstigingstermijn is in dat geval bedoeld om de belanghebbenden enkel een termijn te geven waarbinnen zij zelf de woning “sluit klaar” kunnen maken om zo de kosten van de tenuitvoerlegging te verminderen danwel te voorkomen. In de praktijk houdt dit met name in het tijdig weghalen van persoonlijke eigendommen en het tijdig nemen van met aan de sluiting verbonden maatregelen, bijvoorbeeld het afsluiten van nutsvoorzieningen.
Na het verstrijken van deze termijn wordt door of namens de burgemeester gecontroleerd of de woning of het pand “sluit klaar” is en eventueel worden noodzakelijke maatregelen genomen. Daarna wordt de woning of het pand verzegeld om controle mogelijk te maken en op de deur wordt een sluitingsbesluit aangebracht.
Deze definitieve sluiting is feitelijk van aard en brengt met zich mee dat de woning of lokaal door niemand mag worden betreden. Het doorbreken van het zegel is strafbaar op grond van artikel 199 Wetboek van Strafrecht. Daarnaast kan het betreden van een gesloten pand, woning of erf, in de plaatselijke Algemene plaatselijke verordening strafbaar zijn gesteld.
Bij de uitvoering van de definitieve sluiting kunnen naast een medewerker van de gemeente en politie ook vertegenwoordigers van andere (keten)partners aanwezig zijn, bijvoorbeeld: een aannemer, het energiebedrijf, de GGD of een medewerker van een verslavingszorginstelling.
Een last aan belanghebbende op te leggen om de woning of lokaal, binnen een gestelde begunstigingstermijn, zelf te ontruimen en te sluiten (en gesloten te houden). De woning of lokaal wordt vervolgens niet door middel van verzegeling door de burgemeester gesloten. De burgemeester kan, na verzoek daartoe en indien de aard en omstandigheden daartoe aanleiding geven en onder nader te stellen voorwaarden, toestemming geven tot het betreden van het pand aan bepaalde belanghebbenden.
Van belang bij de keuze voor A. of B. is dat als een belanghebbende een woning of een lokaal zelf sluit, niet altijd kan worden gegarandeerd dat de woning of lokaal daadwerkelijk gesloten blijft. Zonder het aanbrengen van het zegel kan dan niet worden gecontroleerd of het pand gedurende de sluitingsperiode inderdaad gesloten was.
In de last, zowel bij A als bij B., kan belanghebbende worden verplicht tot het nemen van afsluitmaatregelen zoals het dichttimmeren van de deuren en ramen, het afsluiten van de nutsvoorzieningen etcetera.
De begunstigingstermijn aan belanghebbende wordt, zowel bij A als bij B., gesteld op 48 uur om de ontruiming uit te voeren en te sluiten. Indien de last niet of niet tijdig binnen de gestelde termijn wordt uitgevoerd, zal de burgemeester de last door feitelijk handelen ten uitvoer (laten) leggen.
Artikel 1
Het opleggen van een last onder bestuursdwang
Onderdeel van Beleidsregels artikel 13b Opiumwet Alphen aan den Rijn 2014