Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Afdeling 5

Artikel 4:20

(tijdelijke) Opslag van vaste mest en overige organische mest

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Hulst 2017

1.. Dit artikel verstaat onder: meststoffen: meststoffen als bedoeld in artikel 1 van de Meststoffenwet; vaste mest: mest die geheel of gedeeltelijk bestaat uit faeces of urine van landbouwhuisdieren en die niet verpompbaar is, met uitzondering van compost; overige organische mest: overige organische meststoffen als bedoeld in artikel 1 van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet; compost: product als bedoeld in artikel 1 van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet; oogstrestanten: afvalstoffen als bedoeld in de Vrijstellingsregeling plantenresten en tarragrond; zuiveringsslib: slib als bedoeld in artikel 1 van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet; geurgevoelig object: gevoelig object als bedoeld in de Wet geurhinder en veehouderij; emissiearm aanwenden: gebruiken van meststoffen op de wijze die is aangegeven in de bij het Besluit gebruik meststoffen behorende bijlage II, met dien verstande echter dat onder 3, punt a onder 2e gelezen moet worden: ‘tijdens het uitrijden van de dierlijke mest deze gelijktijdig wordt ondergewerkt. 2.. Behoudens het bepaalde in of krachtens de Wet milieubeheer is het verboden zonder ontheffing van het college vaste mest, overige organische mest, zuiveringsslib en oogstrestanten op te slaan, indien deze opslag, te rekenen van het tijdstip van eerste aanvoer, langer aanwezig is dan 48 uur, maar niet langer dan veertien dagen. 3.. Het verbod geldt niet indien op een akkerbouwperceel vaste mest en overige organische mest is opgeslagen die bestemd is voor bemesting van het desbetreffende perceel. Pluimvee- en nertsenmest dient binnen 24 uur na de eerste aanvoer te worden voorzien van een 15 cm. dikke afdeklaag compost. 4.. Onverminderd het bepaalde in het Besluit gebruik meststoffen is het verboden op gronden dierlijke meststoffen uit te rijden, op te brengen, te doen uitrijden of te doen opbrengen op zaterdag, zondag en op de volgende feest en gedenkdagen: Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, tweede Pinksterdag, Hemelvaartsdag, eerste en tweede Kerstdag en de dag waarop de verjaardag van de Koning wordt gevierd, tenzij de mest emissiearm wordt aangewend. 5.. De in lid 3 aangegeven vrijstelling van het in lid 2 omschreven verbod geldt slechts, indien de opslag plaatsvindt op ten minste een afstand van 100 meter van een geurgevoelig object dat is gelegen binnen de bebouwde kom en op ten minste 50 meter van een geurgevoelig object dat is gelegen buiten de bebouwde kom. 6.. Vervoer van meststoffen dient te geschieden in volledig gesloten transportmiddelen die in een deugdelijke staat verkeren.

Rechtspraak bij dit artikel